|
|
 |
 |
|
 |
Onderzoek
(2)
Preventiebeleid
kansspelverslaving Holland Casino
Eveneens eind 1999 is door het College een onderzoek
opgestart naar het preventiebeleid kansspelverslaving
van Holland Casino. Dit onderzoek is uitgevoerd door het
Centrum voor Verslavingsonderzoek (CVO), verbonden aan
de Universiteit Utrecht. Met het onderzoek is beoogd de
door Holland Casino genomen maatregelen te evalueren in
het kader van het preventiebeleid kansspelverslaving.
Voor het onderzoek is een begeleidingscommissie
ingesteld met vertegenwoordigers van het College, het
ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport, het
ministerie van Economische Zaken, het ministerie van
Justitie, het WODC, GGZ Nederland en Holland Casino,
onder voorzitterschap van het Collegelid dr. M.W.J.
Koeter. Het rapport Gasten van Holland Casino is op 21
maart 2001 door de voorzitter van het College mevrouw
drs. M.W.M. Vos-van Gortel aangeboden aan de Minister
van Economische Zaken mevrouw A. Jorritsma-Lebbink.
Holland Casino biedt kansspelen aan die risicovol kunnen
zijn, net zoals de alcoholbranche producten aanbiedt die
risicovol kunnen zijn. Het bijzondere en unieke aan het
preventiebeleid kansspelverslaving van Holland Casino is
dat bij geen enkel ander preventiebeleid de aanbieder
van het risicovolle product de consument de mogelijkheid
biedt om zichzelf op vrijwillige basis een entreeverbod
of een bezoekbeperking op te leggen. Holland Casino
lijkt daarmee een redelijk evenwicht te hebben gevonden
tussen de inspanningen ter voorkoming van gokverslaving
en die ten behoeve van een rendabele exploitatie worden
genomen. Een goede zorg voor de gasten blijkt niet haaks
te staan op de omzet, aldus de algemene conclusie van
het rapport Gasten van Holland Casino.
Een van de vragen uit het onderzoek was die naar de
prevalentie van problematisch speelgedrag onder
casinospelers. Om te kunnen vaststellen of sprake is van
problematisch speelgedrag is de SOGS gebruikt (de South
Oaks Gambling Screen), een internationaal gevalideerd
meetinstrument gebaseerd op de DSM-III-R criteria voor
pathologisch gokken. Een score van vijf of meer op de
SOGS wordt beschouwd als een indicatie voor
problematisch speelgedrag. Voor Holland Casino komen de
onderzoekers op een schatting voor het percentage
gokverslaafden van 1,3%. Dat zijn ongeveer 24.000
casinospelers in Nederland. Uit de vragenlijst die onder
de bezoekers van Holland Casino is afgenomen blijkt dat
ongeveer vier van de tien respondenten met een SOGS5+
daadwerkelijk door het preventiebeleid
kansspelverslaving worden bereikt: ze hebben ooit een
beschermende maatregel aangevraagd of zijn ooit
aangesproken op hun speelgedrag door het personeel van
Holland Casino. Van de respondenten met een SOGS5+ die
niet worden bereikt (60%) is ruim een kwart niet op de
hoogte van het bestaan ervan. De rest is derhalve wel
bekend met de mogelijkheden van het preventiebeleid,
maar heeft er tot op heden van afgezien een beschermende
maatregel aan te vragen.
Volgens de onderzoekers lijkt de motivatie om een
beschermende maatregel te nemen een belangrijke rol te
spelen bij het succes ervan. Wanneer een beschermende
maatregel weloverwogen wordt genomen en bijvoorbeeld
wordt gecombineerd met een vorm van hulpverlening of
ondersteuning zal de kans op een blijvend succes
toenemen. Het komt de effectiviteit van het
preventiebeleid ten goede wanneer spelers ten tijde van
een entreeverbod geen alternatieve mogelijkheden hebben
om te gokken. Bijna de helft van de probleemspelers
zoekt ten tijde van een entreeverbod naar alternatieven
om te gokken en vindt die in het illegale circuit, het
buitenland of in de amusementscentra. Op dit moment is
volgens de onderzoekers bovendien een aantal
ontwikkelingen gaande op de kansspelmarkt die de
effectiviteit van het preventiebeleid van Holland Casino
(verder) dreigt te ondermijnen, zoals mogelijk meer
vergunningen voor het aanbieden van casinospelen, de
productdifferentiatie in amusementscentra en het
aanbieden van kansspelen op internet. In de toekomst zal
dan ook vooral gestreefd moeten worden naar een
afstemming op en een integratie van het beleid met
andere bestaande en mogelijk nieuwe kansspelaanbieders. |
|
 |
|
|